Stel je voor: je bent directeur van een school. Er is geen groot incident, geen klacht die de krant haalt. Maar er knaagt iets. Een collega die zich afvraagt of een opmerking in de lerarenkamer wel door de beugel kon. Signalen over hoe er met leerlingen wordt omgegaan. Onrust in en om de school. En het valt je op dat er dit jaar wel heel veel mensen vertrekken, en niet allemaal tevreden.
Elk signaal op zich is te vaag om iets mee te doen. Maar samen vormen ze een patroon. En dan komt de vraag die je niet meer loslaat: wat speelt hier eigenlijk?
Met precies die vraag kwamen het afgelopen jaar meerdere scholen bij ISP terecht, van basisonderwijs tot voortgezet onderwijs.
Eerst de juiste vragen
Een cultuuronderzoek begint niet met conclusies, maar met de juiste vragen. Gaat het om sociale veiligheid? Om hoe mensen elkaar aanspreken? Om vertrouwen in de leiding, of om de vraag hoe de organisatie omgaat met signalen en meldingen? Welke thema’s centraal staan, hangt af van de aanleiding. Daardoor is geen onderzoek hetzelfde.
Daarna gaan we luisteren. Via anonieme enquêtes, om te zien wat er op groepsniveau speelt. En in vertrouwelijke gesprekken, waar ruimte is voor het verhaal achter de cijfers. Soms met ouders, soms met medewerkers. Soms met een zorgvuldig gekozen groep, en bij een kleine organisatie met iedereen.
Durven praten
Dat werkt alleen als mensen zich veilig voelen. Wie iets wil zeggen over de eigen leidinggevende, wil zeker weten dat dat antwoord daar niet terechtkomt. Daarom weet iedereen vooraf wat het doel van het onderzoek is, wat er met de informatie gebeurt en hoe de privacy wordt beschermd. Uitspraken worden zo verwerkt dat ze niet herleidbaar zijn. En bij de enquêtes gebruiken we software waarbij zelfs wij niet weten wie wel of niet heeft meegedaan. Daarnaast helpt het dat een onafhankelijke partij de gesprekken voert, van buiten de bestaande verhoudingen.
“Dit is wat we al wisten, en toch schrikken we ervan”
Dat is een reactie die we vaak horen als de uitkomsten op tafel liggen. Want het beeld is bijna nooit zwart-wit. Er kan veel betrokkenheid en collegialiteit zijn, terwijl er tegelijk knelpunten zijn, bijvoorbeeld rond sociale veiligheid, communicatie of aanspreekbaarheid. Meestal gaat het niet om één incident of één persoon, maar om een combinatie van factoren die elkaar versterken.
En keer op keer valt hetzelfde op: het verschil tussen wat op papier geregeld is en hoe mensen het in de praktijk ervaren. Een school kan bijvoorbeeld goede meldprocedures hebben, terwijl medewerkers toch een drempel voelen om zich uit te spreken.
Is zo’n onderzoek dan overbodig, als je het eigenlijk al wist? Zeker niet. Een onafhankelijke bevestiging van wat je onderbuik al zei, helpt om de schouders eronder te zetten.
En dan verder
Daarom stopt een cultuuronderzoek bij ons niet bij een analyse. Elke opdrachtgever krijgt concrete aanbevelingen mee, want een onderzoek moet handelingsperspectief bieden. Soms zijn we daarna ook betrokken bij bijeenkomsten over de uitkomsten. Dan zien we dat de aanbevelingen worden opgepakt en dat betrokkenen er positief op reageren.
Signalen om serieus te nemen
Herken je dit in je eigen organisatie? Dan is het tijd om verder te kijken:
- Medewerkers die lastige gesprekken structureel vermijden
- Mensen die wel iets zien, maar niet meer melden omdat ze geen vertrouwen hebben in de opvolging
- Veel praten over elkaar in plaats van met elkaar
- Onduidelijkheid over wat gewenst en ongewenst gedrag is
- Vervagende professionele grenzen
- Terugkerend verloop of uitval in combinatie met onrust
- Signalen die wel binnenkomen, maar waarvan de opvolging niet zichtbaar is
Herken je dat knagende gevoel?
Speelt er iets in jouw school, maar weet je niet precies wat? Zeker als signalen over leidinggevenden gaan, over hoe eerdere meldingen zijn afgehandeld, of als mensen intern niet vrijuit durven te spreken, helpt een onafhankelijke blik. ISP brengt het vertrouwelijk in kaart, met concrete aanbevelingen waarmee je verder kunt. Neem vrijblijvend contact met ons op via +31 320 284 141 of info@ispbv.nl.